1816; Eerste ijkwet

1969; Herziening wet en IJkwezen

1969 - 1978; Kennisbundeling

1978; EG-samenwerking

1988; Verzelfstandiging

1989; IJkbevoegden en samenwerking in toezicht

1993; "Nieuwe aanpak" niet-automatische weegwerktuigen

1997; EG-Notificatie IJkwet

1998; Afschaffing herijk massastukken

2004; Totstandkoming MID

2006; Metrologiewet van kracht
1978; EG-samenwerking
pagina afdrukken

Met het realiseren van de eenwording van Europa op grond van het EG-verdrag, werd ook op het gebied van de wettelijke metrologie het nodige ondernomen. Dat resulteerde in een serie EG-richtlijnen, die moest worden vastgelegd in de nationale wet (zie ook Europese harmonisatie).

 

Met name om het Algemeen EEG-IJkbesluit en de EEG-IJkbeschikking in de Nederlandse wet te integreren werd in 1978 een aantal “kapstokartikelen” (artikel 21 a en 6, vijfde lid) in de IJkwet opgenomen, die door middel van Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB), Koninklijke Besluiten (KB) en ministeriële regelingen en beschikkingen konden en kunnen worden ingevuld.

 

Het nationale IJkreglement en de daarvan afgeleide IJkregeling gelden sindsdien alleen voor de meetmiddelen die aan een nationale keuring zijn of worden onderworpen. Het Algemeen EEG-IJkbesluit, de Algemene EEG-IJkbeschikking en de EEG-IJkbeschikkingen zijn van toepassing op die meetmiddelen die aan een EEG-keuring worden onderworpen.

 

Artikel 44 van het Algemeen EEG-IJkbesluit verklaart het IJkreglement en de IJkregeling niet van toepassing op het Algemeen EEG-IJkbesluit, de Algemene EEG-IJkbeschikking en de EEG-IJkbeschikkingen. Bijzonder evenwel is, dat in onze nationale IJkwet zelf  een regeling is opgenomen, die een lagere regeling (een AMvB) van de Algemene EEG-IJkbeschikking opzij zet. Normaliter zou dat alleen kunnen bij wet zelf.

 

Meer informatie over de Europese samenwerking vindt u onder de knop ‘Europese harmonisatie’